Begin deze maand zei premier Mark Rutte in de Tweede Kamer dat mensen die denken dat alles na deze crisis hetzelfde wordt als ervoor, in een illusie leven. Hoewel het verontrustend klinkt, stemt het ook hoopvol: zullen we inzien dat de mensheid kwetsbaar is en de wereld eindelijk duurzaam gaan inrichten? Aan een belangrijke oorzaak van pandemieën, dieren eten, wordt in ieder geval niet getornd. Want hoewel alles zal veranderen, zal men altijd dieren blijven eten, lijkt de heersende opvatting. 

Consument en politiek kijken structureel weg

De bio-industrie is naar verluidt ontstaan bij een Amerikaanse die in 1923 per ongeluk 500 kuikens geleverd kreeg in plaats van de vijftig die ze besteld had. Ze ontdekte toen dat het lucratief was om al die kuikens in een stal te zetten, vet te mesten en te verkopen voor hun vlees. Talloze ondernemers volgden haar voorbeeld. Terwijl deze industrie uitgroeide tot een systematische moordmachine van meer dan 70 miljard ‘landbouwhuisdieren’ per jaar (en ontelbaar veel vissen), keken de consument en de politiek structureel weg wanneer dierenactivisten aan de bel trokken. En nog steeds. De standaardpraktijken in deze industrie zijn verre van ethisch, maar dat vormt geen enkele belemmering voor deze industrie. 

Milieu niet doorslaggevend 

Dat de Amazone wordt platgebrand voor veevoer en dat ons klimaat alsmaar verder van slag raakt vinden veel mensen belangwekkender dan de ethische problematiek. Want sinds de mondiale hittegolf van 2018 voelen we allemaal dat het klimaat warmer wordt. Steeds meer mensen zijn dan ook bereid om eens per week een vegan burgertje te eten voor het klimaat. Maar uiteindelijk is ook het milieu duidelijk niet genoeg reden om de massale veefokkerij een halt toe te roepen. Hoewel de Nederlandse veehouderij met ruim 40 procent de voornaamste binnenlandse veroorzaker is van de stikstofcrisis, gaat er nog geen varken van de veestapel af, aldus regeringspartijen VVD en CDA. Wel: de bouw in de problemen brengen en automobilisten een stuk langzamer laten rijden, al maakt dat hooguit een paar procent verschil voor de stikstofdepositie.  

Bron van pandemieën: dieren 

Zal de huidige pandemie dan het keerpunt zijn voor onze voedselvoorziening? Aangezien er mensen doodgaan door deze nieuwe ziekte, we allemaal thuis moeten bivakkeren en velen kampen met financiële onzekerheid, is het fundamenteel dat we de bron van drie op de vier nieuwe infectieziekten onder de loep nemen: dieren. Hoe meer dieren (of dat nou gedomesticeerde of exotische soorten zijn) we eten, hoe groter het risico op een nieuwe pandemie. 

Hoe meer dieren we fokken, hoe meer ‘gastheren’ er namelijk zijn waarin gevaarlijke virussen en bacteriën kunnen ontwikkelen. En hoe intensiever ons contact met dieren -denk aan de slacht- hoe meer kans dat deze ziekteverwekkers op ons overspringen. Vooraanstaand viroloog Ron Fouchier geeft aan dat het niet de vraag is óf het gebeurt, maar wánneer het gebeurt. En het volgende virus dat toeslaat kan zomaar vele malen dodelijker zijn dan corona. Het H5N1 vogelgriepvirus heeft bij mensen een sterftepercentage van 60 procent. De pluimveehouderij is een enorm broeinest voor onder andere dit virus om zich te ontwikkelen tot een variant die zich succesvol verspreidt van mens op mens. 

Een ander gevaar is dat er volgens de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) vanaf 2050 wereldwijd elk jaar tien miljoen doden zullen vallen door antimicrobiëel resistente ziekteverwekkers. De financiële impact hiervan zal de kredietcrisis van 2008-2009 evenaren. Deze resistentie wordt deels veroorzaakt door de veehouderij. In de EU wordt namelijk 70 procent van de antimicrobiële middelen ingezet in de veehouderij. 

We kunnen het als we het willen

Het advies van de WHO en de Wereldvoedselorganisatie (FAO) – welke het heeft over een ‘alarmerende situatie’ vanwege een ‘ongekende toename’ van zoönose-uitbraken: hygiënisch slachten en vlees goed doorbakken. En het gebruik van antimicrobiële middelen terugdringen. Deze instanties nemen het gegeven dat wij massaal dieren fokken schijnbaar aan als een onontkoombaar feit. Met andere woorden: zo is de mens nu eenmaal, niets aan te doen. 

Dat is een belediging van de mensheid. Kijk naar hoe door ons gemaakte computers onze eigen intelligentie ver voorbij streven. En dan zijn we niet in staat het dier de voedselketens uit te innoveren? We kunnen het, makkelijk zelfs, maar we moeten het wel willen. Het is de hoogste tijd dat we als samenleving inzien dat we onnodig grote risico’s nemen door massaal dieren te fokken en eten, terwijl we zoveel beter kunnen. Dieren eten is dan ook geen onontkoombaar feit, het is een ondoordachte keuze.

Schrijf een bericht